Bovenkant van deze pagina
Ga direct naar inhoud »
Ga direct naar zoekfunctie »
Het provinciehuis, ook wel bekend als Paviljoen ‘Welgelegen’ werd aan het eind van de 18e eeuw gebouwd door Henri Hope (1735 – 1811), een vooraanstaande bankier uit Amsterdam. Het huis was bedoeld als cultureel weekendhuis waarin zijn kunstverzameling een plaats kon krijgen, met de Haarlemmerhout als openbare voortuin.
Een groot deel van zijn kunstverzameling bestond uit werken van Italiaanse schilders en beeldhouwers. De loden beelden van Righetti in de binnentuin zijn daar nog steeds de stille getuigen van.
Met de gemeente Haarlem kwam Hope een herbeplanting van de Haarlemmerhout overeen waarbij rekening gehouden werd met het 'aansight' op het Paviljoen. Vanuit het huis werd een zichtlijn gevormd, niet door een laan, maar door boomgroepen zo te groeperen dat een diepte-effect ontstond. Oude bomen werden daarbij zoveel mogelijk behouden.
De bouwheer heeft maar kort genoten van zijn optrekje in Haarlem. In 1794 vluchtte de prinsgezinde Hope voor de naderende Fransen troepen, naar Engeland. In 1808 kocht Lodewijk Napoleon het pand waardoor het bij veel mensen nog steeds bekend is als diens paleis. Nadat een eind was gekomen aan de Franse overheersing resideerde Wilhelmina van Pruisen er gedurende zeven jaren. Daarna kreeg het monumentale pand een museale functie om uiteindelijk in 1930 het onderkomen te worden van het Provinciaal Bestuur van Noord-Holland.
Feeds op deze website
Bovenkant van deze pagina
Ga direct naar inhoud »
Ga direct naar zoekfunctie »