Bovenkant van deze pagina
Ga direct naar inhoud »
Ga direct naar zoekfunctie »

Inhoud

Landschapsbeschrijving Etappe 4: Julianadorp - Kolhorn

Pas in de jaren 1910-20 begon het tij in de arme Westpolder van Anna Paulowna te keren. Bollentelers uit ‘De Zuid’ rond Hillegom en Lisse streken hier neer, op zoek naar goedkope, humusarme, kalkrijke zandgronden en goedkope werkkrachten. Na veel ups en downs (bollenziektes, Crisisjaren ’30, oorlog) begon het in de jaren ’50 echt te renderen. Tot in de jaren 1960-’70 kon men in de polder nog flinke melkveebedrijven aantreffen. Dat is nu verleden tijd: de polder is inmiddels geheel ‘verbold’. Het wordt dus ‘banjeren door de bollen’ – in de lente een feest van kleuren en geuren, begeleid door het ijle gezang der leeuweriken en het nerveuze gehip van gele kwikstaarten.
Op de passage tussen de Gras- en Boermansweg loopt u door de velden van resp. de Fa. Maters en J. de Wit & Zn BV. Speciaal voor wandelaars van het Noord-Hollandpad opengesteld, tegen een medegebruiksvergoeding. Na de bollentijd kunt in de zomer genieten van de anemonen, dahlia’s, aaronskelken, zigeuner- of harlekijnbloemen. En na de oogst van zgn. groenbemesters als ramenas. De laatste fungeren ook als bestrijders van de beruchte ‘aaltjes’ en wortelonkruiden als akkerdistel. Omkade en onder water gezette bollenpercelen dienen het zelfde doel, Maar dit fenomeen is meer aan de andere kant van het Kanaal te zien, in Zijpe.
Kijk onderweg in de velden wel uit voor zelfrijdende beregeningsinstalllaties en spuitmachines  die in het hoogseizoen zgn. gewasbeschermers verspreiden – nog steeds nodig, al is het in veel minder grote hoeveelheden dan vroeger. Bollentelers zijn namelijk voortdurend op zoek naar meer milieuvriendelijke teeltmethoden.

De Hoop van de Wieringerwaard (13)

Vanaf Oudesluis loopt u verder over de Noordwesterdijk van de Wieringerwaard, het jongere broertje van de Zijpe. Sinds de inpoldering in 1610-11 stak hij fier zijn hoekige kop in de Zuiderzee. Totdat die woeste zee door de aanleg van de Anna Paulownapolder (1847) nog verder noordwaarts teruggedrongen werd. Op de Noorddijk loopt u langs molen De Hoop, een achtkante binnenkruier uit 1742, na zijn afdanking in 1872 verbouwd tot korenmolen. De enige van de in totaal zes poldermolens die hier overgebleven is. Het was een van de twee strijkmolens die het boezemwater van de Kolk rechtstreeks op zee moesten uitmalen.
Toen in 1872  een met twee vijzels uitgerust stoomgemaal ging draaien en via het buitenkanaal op zee kon uitwateren, werd de kolk met alle watermolens overbodig. Het gemaal ziet u na de dijkcoupure: helaas is de lange schoorsteen als ‘landmark?verdwenen. Links en rechts van de weg is de oude schutsluis nog te zien ?uit 1764, volgens een gedenksteen. Verder op de Noorddijk ziet u dat de oude kolk in de teen van de dijk voor een deel  weer opengemaakt is ten behoeve van natuurontwikkeling en waterberging.

De Zijpermolens en hun kolk

Als u vlak voor de kruisende spoorlijn (1865) vanaf de Zijperdijk in zuidwestelijk richting langs de Ooster Egalementsloot kijkt, dan ontwaart u in de verte twee beeldschone molens. Allebei achtkante watermolens: rechts  de molen P-V, een gerestaureerde binnenkruier uit 1597.  Links de molen P, een in 1895 gebouwde bovenkruier op de plek van een exemplaar uit ± 1600. Na het spoor kijkt u in zuidelijke richting uit over een laaggelegen gebied, dat deels met recreatiebungalows bebouwd is, ‘t Zijper Eylant geheten. Hier lag in de begintijd van de bedijking een kolk of tussenboezem. Hierop werd het water uit de boezem van de Zijpe (het stelsel van sloten en vaarten) uitgeslagen door twee of drie zgn strijkmolens. Vanuit deze hoger gelegen tussenboezem kon het water dan makkelijker via de schutsluis op zee geloosd worden. Dit systeem bleek bij nader inzien overbodig en al in 1610 werden de molens verkocht aan het bestuur van de Wieringerwaard die op dat moment ingepolderd werd (zie De Hoop van de Wieringerwaard).

Geldersche Buurt van Breezand

Op de Topografische en Militaire kaart van het Koningrijk der Nederlanden (TMK) uit 1864 is aan de zuidkant van de Molenvaart een lang lint van smalle huiskavels ingetekend. Hier waren toen polderwerkers uit Gelderland gehuisvest. Arme, werkloze sloebers uit het Gelderse Hemmen, die door de goedbedoelende dominee Heldring overgehaald waren om de zanderige, in 1847 drooggelegde Westpolder rond Breezand te ontginnen door het graven van vaarten en sloten. Een weinig succesvolle onderneming: de polder bleef onvruchtbaar, de opbrengsten mager – zelfs voor keuterboertjes met wat schapen en een enkele koe. De meeste polderwerkers keerden berooid en ontgoocheld terug naar hun Gelderse roots. Toch bleef de naam hangen: ‘Geldersche Huisjes’, op latere stafkaarten: ‘Geldersche Buurt’. De huidige kaart laat daarbij de ‘sch’ gemakshalve maar weg.

Groot Noordhollandsch Kanaal & veerpont (13)

Dit Kanaal werd in 1824-25 gegraven om Amsterdam een veilige, binnendijkse en binnenduinse verbinding met Den Helder en de Noordzee te geven en zo de ondieptes in de Zuiderzee te omzeilen. In feite was dit stuk van het Kanaal een spin-off van de droogmaking van de kwelders in het westen: polder Het Koegras (1817-1818). Het Kanaal was hier een verbrede versie van de ringvaart, die sowieso nodig was voor het opvangen van zout kwelwater.
Het jaagpad langs het Kanaal werd als een brede grintweg aangelegd (de huidige asfaltbaan N9). Na de overtocht met de pont lopen we dus op een oud stuk zeedijk van de Koegraspolder, nu belijnd met moderne windmolens. In het westen kijken we uit op een nieuw aardgascompressie-station te midden van bollenvelden. De pont vaart al sinds 1849, dus een paar jaar na de de voltooiing van de polder Anna Paulowna ten oosten van kanaal en dijk. 

Nieuwesluis (13)

Een lief dijkbuurtje, geïsoleerd gelegen op de noordoostpunt van de Wieringerwaard. Moeilijk voor te stellen dat dit Nieuwesluis oorspronkelijk bedoeld was als hoofddorp en uitvoerhaven van de polder. Nieuwesluis was aanvankelijk wel het grootste dorp in de polder, maar werd later overvleugeld door de meer westwaarts gelegen molenbuurt bij de kerk, school, polderhuis en watertoren - het huidige Wieringerwaard. Let in Nieuwesluis op een gedenksteen van de grote watersnoodramp in 1916, geplaatst door het bestuur van de polder in 1918 - toen de Noorder- en Oosterdijk net verhoogd waren van resp. 3.15 en 3.0 meter naar 4.60 en 4.0 meter. De schrik zat er toen goed in!

Noorderhaven (13)

Aan de oostkant van Julianadorp ligt het beboste terrein van Noorderhaven, centrum voor geestelijk gehandicapten. In beheer bij de zorgstichting ‘s Heeren Loo die oorspronkelijk uit Ermelo komt.
Noorderhaven is opgezet als een groen dorp met een Brink en een Veld in het midden. Daar omheen bevinden zich zwembad, winkel, restaurant en dorpshuis. Volgens het herinrichtingsplan zal het westdeel van het dorp t.z.t. uitgebreid worden met nieuwe woonbuurten waar gehandicapten en niet-gehandicapten door elkaar heen zullen wonen. Elke buurt zal door een andere architect ontworpen worden en daardoor verschillen in uitstraling. Waterpartijen zullen vergroot worden en het groen gevarieerder. Bij de westelijke en oostelijke entrees komen markante woningen. Bij de Brink zal een hoge woontoren verrijzen, vanuit de verre omtrek zichtbaar. De oostkant met zijn kinderboerderij, manege, sterrenwacht en natuurcamping (aanrader!) blijft in dit plan intact.
Oudesluis en zijn kerkje

De Grote of Oude Sluis in de noordelijke dijk van de Zijpe was de enige schutsluis voor schepen in deze polder; de andere vier waren spuisluizen die alleen bij eb het overtollige water op zee konden lozen. Rond deze Grote Sluys uit 1631 en zijn sluiswachtershuis groeide een flink dorp van boeren, ambachtslieden, vissers, schippers en winkeliers. Het profiteerde van de VOC-schepen uit Amsterdam die hier aanlegden om vervolgens via de rede van Texel en het Marsdiep het zeegat te kiezen. In de 17e- en 18e-eeuw was Oudesluis daarom het hoofddorp van de polder. Het kerkje bij de sluis dateert uit de jaren 1860. Het verving toen een houten kerkje met een stenen voeting en houten dak uit 1658, dat in een zware storm ten onder ging. Het huidige kerkje is in 1990 door een stichting van dorpsbewoners gerestaureerd en fungeert trots als cultureel centrum.  

Westelijke Waardkanaaldijk (13)

Het Waardkanaal (1929) dient vooral als afwatering voor het in 1930 drooggelegde Wieringermeer aan de overkant. En voor het westelijke en zuidelijke achterland. Aan weerszijden is de natuur nu ‘ontwikkeld?zoals dat heet, in de vorm van grillige plas-drasoevers en rietomzoomde poeltjes. Een welkome afleiding van de rechte dijklijn. Het kanaal is vernoemd naar de Waardpolder aan de westkant, een bedijkings- en ontginningsproject uit de jaren 1844-1847. Een aanplaksel van de Wieringerwaard, dat ten zuiden van het Kolhornerdiep doorging als Groetpolder en dat door bemiddelde en invloedrijke particulieren opgestart was, evenals de polder Anna Paulowna.

Zijperdijk (13)

De route schampt de noordkant van de 16-eeuwse polder Zijpe met zijn brede grasdijk. Al sinds 1388 waren er allerlei plannen gelanceerd om het grillige waddengebied Zipe ten oosten van het toenmalige eiland Callantsooghe droog te maken en in te polderen - om zo de funeste doorbraken van de strandwallenkust en de aantasting van de Westfriese Omringdijk door de Noord- en Zuiderzee voorgoed onmogelijk te maken. Maar door gebrek aan kapitaal, techniek en doorzettingsvermogen  kwam er uiteindelijk niets van.  In 1552 kwam de vindingrijke en ondernemende kunstschilder en netwerker Jan van Scorel (‘de Leonardo da Vinci van het noorden’, aldus Frank van Loo in de Zijper Historie Bladen 1997, nr. 1, pag. 6) weer met een inpolderingsplan, Dit keer met een economische meerwaarde naar zijn zeggen: de Zijpe zou prima landbouwgrond op vette zeeklei opleveren. Dat laatste sprak geldschieters uit de Zuidelijke Nederlanden aan.
Keizer Karel V gaf toestemming in een octrooi en het werk kon beginnen. In 1554 was het klaar, maar de zanddijken bleken niet opgewassen tegen de zee. Pas de vierde bedijking van 1596-97 bracht de definitieve droogmaking, op basis van een octrooi tot herbedijking. Het kapitaal kwam dit keer van welgestelden uit de provincie Holland zelf, vnl. Amsterdammers en Alkmaarders. De Zijperpolders P en V (twee van de in totaal 20 zelfstandig bemaalde en met letters van het alfabet benoemde  polders) hier aan de noordkant bleken in den beginne slechte, zanderige landbouwgrond op te leveren. Een misinvestering dus. Na vier eeuwen afgraven, diepploegen en bemesten is de zand-kleigrens een stuk naar het westen opgeschoven. Maar door de toenemende ‘verbolling’ van het Zijperland is dat eerder een nadeel dan een voordeel geworden… Het kan verkeren.  



 

GPS-track

Download de

GPS-track

Ambassadeurs

Bijzondere ondernemers langs het pad, een bezoekje waard! Klik hier voor het overzicht of kijk op de kaart.



Bestel routegids

Klik hier om de routegids Noord-Hollandpad (€ 13,95) te bestellen

Bestel routegids
Sitemap

Bovenkant van deze pagina
Ga direct naar inhoud »
Ga direct naar zoekfunctie »