Wij gebruiken op onze website cookies zodat u de website goed kunt gebruiken. Dit zijn analytische cookies en cookies van YouTube. Wilt u deze website bezoeken? Dan gaat u akkoord met het gebruik van deze cookies.

“Het bruist en het borrelt. Men weet elkaar steeds beter te vinden.”

Publicatiedatum: 27 november 2025

Laatst gewijzigd: 27 november 2025

0 reacties

“We moeten met elkaar het onderwijs actueel en relevant houden en er tegelijkertijd voor zorgen dat bedrijven meegaan in de vaart der volkeren”, zegt werkambassadeur bij de provincie Ronald Kleijn.

Daarom is een betere samenwerking nodig tussen opleidingen en bedrijven op het gebied van techniek en technologie. Als werkambassadeur zorgt Kleijn hiervoor, bijvoorbeeld door het helpen opzetten van zij-instroomtrajecten bij bedrijven. Hij vertelt over zijn rol en de behaalde successen.

Vanuit het Manifest Werken & Ontwikkelen 2030 werkt Kleijn als werkambassadeur voor heel Noord-Holland. “Dat doe ik voor en tussen allerlei partijen in”, vertelt hij. “Met als doel hen bij elkaar te brengen en een betere aansluiting te vinden. Vooral daar waar het wat stroef loopt of communicatie nodig is, of om nieuwe kansen te benutten. Opleidingen en bedrijven hebben veel te halen en te brengen bij meer samenwerking, maar vinden elkaar nu nog niet structureel.”

De ambassadeur zorgt ook voor een beter zicht op de initiatieven die er al zijn. “Zodat partijen op elkaar kunnen bouwen en wielen niet opnieuw uitgevonden worden.” Indirect hebben inwoners van Noord-Holland zo profijt van de werkambassadeur, legt Kleijn uit.

In nabijheid van elkaar opereren

Met zijn jarenlange ervaring in het onderwijs en als ondernemer solliciteerde Kleijn ruim een jaar geleden op de functie. “Als ik zie wat voor potentie er bij opleidingen zit en welke vraagstukken spelen bij bedrijven, vind ik het zonde dat ze elkaar niet makkelijker weten te vinden”, zegt Kleijn. “En hoe leuk is het als je als student niet aan een theoretische of fictieve casus werkt, maar aan een opdracht waar iemand op zit te wachten? Dat je de uitkomst presenteert aan een echte opdrachtgever? Als werkambassadeur draag ik bij aan die verbinding.”

Werkambassadeur Ronald Kleijn

De werkambassadeur heeft bijvoorbeeld een ondersteunende rol in de campusstructuur van de provincie. “Transities in de technologische sector gaan heel snel”, zegt Kleijn. “Je wilt met elkaar vragen stellen en de antwoorden zo snel mogelijk delen met studenten en medewerkers.” Dat kan op een campus, waar onderwijs en bedrijven in elkaars nabijheid opereren in publiek-private samenwerkingen, legt hij uit. Werknemers kunnen zich daar makkelijker bijscholen, vraagstukken bij studenten neerleggen en studenten kunnen er eenvoudiger stage lopen.

“In Noord-Holland zijn de campussen regionale of lokale samenwerkingen rondom economische thema’s”, vertelt de werkambassadeur. “In de Kop van Noord-Holland gaat het bijvoorbeeld over maritiem en de samenwerking tussen defensie en civiele partijen. In Amsterdam draait het onder andere om de verduurzaming van de woningvoorraad.”

Focus op techniek en technologie

Met het Manifest Werken & Ontwikkelen 2030 Noord-Holland en de aanstelling van een werkambassadeur koos de provincie voor een focus op techniek en technologie. “Zodat er genoeg technisch personeel is met het oog op alle transities die op ons afkomen“, legt Kleijn uit. “Maar technologie kan er ook in andere sectoren voor zorgen dat het werk uitvoerbaar blijft. Bijvoorbeeld door een deel van de krapte als gevolg van demografische ontwikkelingen op te vangen door technische innovatie.”

Kleijn vertelt dat de provincie formeel geen directe rol heeft op de arbeidsmarkt en in het onderwijs. “Maar Noord-Holland heeft er wel belang bij dat het een aantrekkelijke vestigingsplek blijft.”

De werkambassadeur vertaalt ook landelijke ontwikkelingen naar het regionale niveau, onder andere tijdens manifestbijeenkomsten. Hierbij helpt het dat Kleijn naast zijn rol als werkambassadeur ook programmamanagementfuncties vervult voor landelijke programma’s rondom bijvoorbeeld de waterstoftransitie.

“Het valt mij daarbij op dat een aantal landelijke vraagstukken en ontwikkelingen al vrij goed binnen onze provincie passen”, zegt de ambassadeur. Als voorbeeld noemt hij het landelijke Aanvalsplan Techniek dat het arbeidstekort in de technische sector moet terugbrengen. “Die plannen sluiten naadloos aan bij de structuur die wij al hebben om met elkaar die kansen te kunnen pakken”, vertelt Kleijn. “Dat is ook de reden dat het eerste Nederlandse hybride techniekcentrum in Noord Holland komt: bij Dudoc XP.”

“Het bruist en borrelt”

Toch liggen er volgens de werkambassadeur nog diverse kansen in het verschiet voor Noord-Holland. “We hebben nu vooral aandacht voor techniek. In de toekomst moeten we meer focussen op technologie, zoals digitalisering en AI.” Ook noemt Kleijn het stimuleren van meer arbeidsbesparende en productiviteitsverhogende innovatie. “Zodat mensen zo effectief en efficiënt mogelijk kunnen werken.”

Daarnaast ziet hij kansen in een verdere flexibilisering van het onderwijs. “Dat is een breed gedragen wens in de provincie”, zegt hij. “Meer kijken naar wat iemand met ervaring al meebrengt en daarop voortbouwen, zodat deze persoon niet weer vanaf nul een opleiding moet doen. Een muzikant heeft al bepaalde vaardigheden die je ook nodig hebt als softwareprogrammeur. We willen iemand op individuele wijze aanbieden wat nodig is om een stap in de carrière of in een opleiding te maken.” Er zijn bijvoorbeeld plannen voor een brede techniekschool, vertelt de werkambassadeur. “Kortom, er gebeurt heel veel in de provincie en partijen weten elkaar steeds beter te vinden. Het bruist en borrelt.”

Om te kunnen reageren moet u eerst inloggen.

Heeft u gevonden wat u zocht?

2025 © Alle rechten voorbehouden.