Perspectieven: de instrumentenkoffer

De gesprekken tussen agrariër, collectieven en provincie beginnen niet met een lege agenda. In de ‘Overeenkomst Verkenningsjaar’ is een aantal mogelijkheden uitgewerkt. Per bedrijf worden op basis hiervan afspraken gemaakt. Die perspectieven zijn hieronder beschreven.

  • Verwerving van gronden op vrijwillige basis en continuering van de provinciale koopplicht, waarbij een financiële bijdrage van de provincie mogelijk kan zijn conform het vigerende provinciale gronden natuurbeleid en subsidieregelingen
     
  • Zelfrealisatie door de grondeigenaar, waarbij een financiële bijdrage van de provincie mogelijk kan zijn conform de provinciale Uitvoeringsregeling Kwaliteitsimpuls Noord-Holland (SKNL-regeling)
     
  • Kavelruil of bedrijfsverplaatsing, waarbij een financiële bijdrage van de provincie of de inzet van provinciale ruilgronden mogelijk kunnen zijn conform het vigerende provinciale grond- en natuurbeleid en subsidieregelingen
     
  • Het omzetten van reguliere pachtovereenkomsten in erfpachtovereenkomsten inclusief functiewijziging en subsidiëring van natuurbeheer, waar nodig met aanvullende afspraken tussen (erf)pachter en (erf)verpachter over zowel inrichtingsmaatregelen, beheermaatregelen als de verdeling van kosten en vergoedingen
     
  • Ontpachting, waarbij financiële ondersteuning van de provincie beschikbaar kan komen conform een nader op te stellen regeling, zoals aangekondigd in het Programma Natuurontwikkeling 2019-2023
     
  • Verwerving op basis van volledige schadeloosstelling en, indien dat niet tot resultaat leidt, onteigening, waarbij een financiële bijdrage van de provincie – na separate besluitvorming hierover door Gedeputeerde Staten – mogelijk kan zijn conform de wettelijke kaders en het vigerende provinciale grond- en natuurbeleid en subsidieregelingen. Hierbij wordt de werkwijze uit de grondstrategie Oostelijke Vechtplassen als uitgangspunt genomen
     
  • Een nieuwe vorm van agrarisch natuurbeheer, genaamd ‘duurzaam agrarisch natuurbeheer’, waarbij naast het bestaande instrument van subsidiebeschikkingen voor agrarisch natuurbeheer, in een aparte overeenkomst (met een looptijd van 12 jaar) aanvullende afspraken voor kwalitatief NNN-waardig beheer worden gemaakt. Uitgangspunt bij duurzaam agrarisch natuurbeheer is dat de natuurdoelen voorop staan en de agrarische bedrijfsvoering ten dienste hiervan staat. Het opstellen van een natuurbedrijfsplan dat aansluit bij de gebiedsanalyse is verplicht bij deelname aan de pilot
     
  • Herbegrenzing van NNN, conform het provinciaal beleid dat is vastgelegd in de Provinciale Ruimtelijke Verordening (straks: Omgevingsverordening)
     
  • Opleiding van agrarische beheerders, het opstellen van natuurbedrijfsplannen en het voeren van beheerregie. Een financiële bijdrage van de provincie is bespreekbaar
     
  • Inrichtingsmaatregelen, waarbij een financiële bijdrage van de provincie mogelijk kan zijn via de provinciale Uitvoeringsregeling Kwaliteitsimpuls Noord-Holland (SKNL-regeling) en de Uitvoeringsregeling Groen, paragraaf weidevogelbiotopen
     
  • Nieuwe instrumenten kunnen bij gezamenlijke overeenstemming worden toegevoegd

 

Uitgelicht