Met haviksogen en verenplumeaus door het provinciehuis

(13 augustus 2020)

Paviljoen Welgelegen kreeg deze zomer een onderhoudsbehandeling. Het provinciehuis werd geïnspecteerd, gereinigd en gerestaureerd.

In de Statenzaal klinkt de indringende piep die normaal een achteruitrijdende vrachtwagen aankondigt. Reuring in recestijd. Het is eens wat anders dan de doffe klappen van de vallende voorzittershamer. 

Uiteraard rijdt er geen truck door de Statenzaal. De piep komt van een hoogwerker. Glas- en keramiekrestaurator Roosmarijn van Beemen heeft de machine net opgestart. Eerder tilde een hijskraan het gevaarte via het balkon naar binnen. 

Werkzaamheden provinciehuis zomerreces
Roosmarijn van Beemen (l) en Marjolein Homan Free.

Van Beemen klimt gezekerd in het bakje en stijgt zelfverzekerd op. Op de grond tuurt en stuurt collega Marjolein Homan Free mee. Met korte aanwijzingen – “beetje naar links, recht omhoog nu” – loodst ze haar collega behoedzaam langs de gouden verbindingsarmen van de droomluchter.

Stukje stuc 

Eenmaal in de nok pakt Van Beemen haar telefoon. Niet voor een stoere selfie, maar om ‘iets’ te fotograferen op een van de glazen objecten. “Een stukje stuc”, roept ze. 

“Het is een minuscuul fragmentje dat eerder op stof lijkt dan dat het echt een stuk stuc is”, verduidelijkt Homan Free. “Elke keer zien we nieuwe dingen. Van vuil tot taperesten. We leggen onze bevindingen vast en houden bij hoe elk object ervoor staat. Inspecteren is bijna net zo belangrijk als behandelen.”

Textielrestaurator Homan Free coördineert het werk in het Paviljoen en onderhoudt nauw contact met conservator Simone Memel. Sinds eind 2014 klust ze samen met collega’s Van Beemen, Marije Meddeler en Annemieke Heuft tijdens het zomer- en kerstreces in het provinciehuis. Ze speuren naar sporen van verval en vervuiling en adviseren Memel over de behandeling. “Door het bij te houden, proberen we grote ingrepen te voorkomen”, aldus Homan Free. 

Werkzaamheden provinciehuis

In goede handen

“Het Paviljoen is in goede handen bij deze dames”, zegt Memel. “Ik leer veel van Marjoleins team, omdat zij alle veranderingen hier steeds makkelijker vaststellen. Zo weet ik precies wat ik wanneer moet oplossen.” 

Op de begane grond wijst Memel naar de historische spiegels. Die worden straks met krasvrije doekjes gereinigd. “Bezoekers denken vaak dat de spiegels stuk zijn, maar ze zijn oud”, zegt ze. “Ze hangen hier sinds 1789 en we moeten ze blijven verzorgen. Oude mensen gooi je ook niet weg.”

Keuken, trappenhuis, GS-zaal, schilderijen, parketvloeren, wandtapijten en stucwerk worden ook behandeld. Memel: “Je beseft niet hoe belangrijk deze kleine schoonmaakingrepen zijn voor het behoud. Zo voorkomen we dat dingen onherstelbaar beschadigen.”  

Natuurlijke veren

Het team van Homan Free werkt met klassieke verenplumeaus. “Die halen heel goed stof weg. Omdat de veren natuurlijk zijn, worden ze niet statisch. Een plumeau met kunststof veren laadt een object op. Dan blijft er meer stof op achter. Een ander voordeel van verenplumeaus is dat ze slap zijn. Als er een blijft haken, breekt de veer en niet het object.” 

Hoog in de Statenzaal kietelt Van Beemen een glasbol. Met het schoonmaken van 1 droomluchter is ze 4 tot 5 uur zoet. Al die tijd staart Homan Free met haviksogen omhoog om eventuele gevaren te voorzien. “De bladgouden buizen zijn extreem kwetsbaar”, vertelt ze. “Daar kunnen we zelfs niet overheen wrijven. Je loopt dan het risico dat je bladgoud weghaalt. Daarom maken we een luchtbeweging met de plumeau om het stof weg te wapperen.” 

Werkzaamheden provinciehuis zomer 2020

Kijken, kijken, kijken

Flink boenen is er niet bij voor de restauratoren. Alles draait om beheersing. “Zo zijn we opgeleid”, vertelt Van Beemen na haar uitstapje in de hoogwerker. “Altijd zo terughoudend mogelijk werken. Alleen het hoognodige doen. Kijken, kijken, kijken en daarop de behandeling aanpassen.” 

Homan Free: “Telkens als je objecten reinigt, neem je ook materiaal van het object zelf mee. Zo komen bij het reinigen van wandtapijten naast stof en vuil vezels mee. Als je te vaak schoonmaakt is er over 100 jaar minder over. Het is een balans vinden tussen schade die veroorzaakt wordt door het behandelen van het object en schade die veroorzaakt wordt door stof en vuil.” 

Werken op microscopisch niveau noemt conservator Memel dat. “Thuis maakt het niet zoveel uit als je de stofzuiger stevig over de bank trekt. Maar de objecten hier wil je nog wel 100 tot 200 jaar behouden. Als je die net zo behandelt als je spullen thuis, zijn ze er over 100 jaar niet meer.”