Blog Cees Loggen: Samen meer woningen bouwen

(22 december 2020)

Aan het einde van een zéér bewogen 2020 is het goed om terug te kijken op het jaar. En dat wil ik in deze blog met name doen op het onderwerp ‘wonen’. Want wat is ook daar veel gebeurd – en wat is er ontstellend veel in beweging.

Het laatste nieuws dat mij op de valreep van het jaar bereikte is dat het kabinet het woningbouwbeleid van de provincie vierkant steunt. 

Het kabinet deelt de opgave van het provinciebestuur en de aanpak die wij daarvoor hebben, zo liet de minister in haar antwoorden op een reeks vragen uit de Tweede Kamer weten. 

Hartverwarmend en belangrijk. De opgave is niet altijd makkelijk, en onze rol wordt niet altijd even goed begrepen.

Zou ik mij eens wagen aan een voetbalmetafoor, dan spelen wij in het woondossier als provincie vooral de rol van scheidsrechter. Is het niet omdat wij als provincie een eigen volksvertegenwoordiging hebben, Provinciale Staten, waar Noord-Hollanders elke 4 jaar met hun stem laten horen hoe zij willen wat er gebeurt in de provincie, dan is het wel vanwege de taken die wij namens het Rijk uitvoeren.

De boodschap tijdens de laatste Provinciale Verkiezingen was helder. Noord-Hollanders willen dat er woningen gebouwd worden. Véél woningen. Tegelijkertijd willen Noord-Hollanders ook dat de mooie groene leefomgeving in onze provincie behouden blijft. Die mooie groene omgeving is immers ook wat Noord-Holland zo aantrekkelijk maakt om te wonen. 

Dit werd nog eens bevestigd toen Provinciale Staten dit jaar de nieuwe Omgevings-verordening aannam. Deze verordening maakt in één opslag duidelijk wat wel en niet kan. Hier en daar wordt gezegd dat een onderdeel ervan – de 32 extra beschermde Bijzonder Provinciale Landschappen – bouwplannen verhindert. 

Betrouwbare overheid

En ja, wat betreft enkele van die plekken blaast de scheidsrechter op zijn fluitje. Dat is ook niet voor niets. Toch, weinig is zo belangrijk als een betrouwbare overheid en daarom is het wel degelijk mogelijk dat er buiten de al bebouwde kom gebouwd mag worden. Zeker als een gemeente met goede argumenten kan aantonen dat er sprake is van een groot openbaar belang.

Waar er concrete plannen zijn en de provincie hier in het verleden positief tegenover stond, laten wij als provinciebestuur zien dat we betrouwbaar bestuur voeren door ontwikkeling niet onmogelijk te maken. Dat betekent dat gebieden die hier misschien wel voor in aanmerking kwamen vanuit landschappelijk oogpunt, niet aangewezen zijn als Bijzonder Provinciaal Landschap. Ook bestemmingsplannen die al waren vastgesteld blijven voorlopig gewoon geldig. De bouwplannen kunnen dus gewoon worden uitgevoerd – uiteraard binnen de gestelde kaders.

Tussen de 2 wensen – meer woningbouw én de leefomgeving beschermen – moet de balans gevonden worden. Dat hebben wij – Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten –goed in onze oren geknoopt.

Niet verbaasd zijn

Als provinciebestuur begrijpen we maar al te goed dat gemeenten soms in een lastige situatie zitten. Men wil snel veel bouwen en dat in samenwerking met ontwikkelaars die zulks uiteraard graag tegen zo laag mogelijke kosten doen. Ook dat snapt iedereen. 

Maar als een speler weet dat hij buiten zijn boekje gaat als hij tóch iets doet wat niet volgens de regels is die we hebben afgesproken, dan moet hij niet verbaasd zijn als de scheids op zijn fluitje blaast. Dat is zijn taak.

Gelukkig hoeven wij dat maar sporadisch te doen, want verder gaat heel veel gewoon goed in de provincie. De samenwerking met gemeenten, belanghebbenden en het Rijk is goed. Dat wil ik niet alleen graag zo houden, mijn voornemen is in 2021 die samenwerking te versterken. Want de enorme bouwopgave kunnen we alleen gezamenlijk te lijf. Daarom zal ik komend voorjaar het Masterplan Wonen presenteren met als doel de woningbouw te versnellen. 

Al met al was 2020 een roerig jaar. Ik hoop dat 2021 wat dat betreft weer wat meer rust en zekerheid brengt.

Ik wens u prettige feestdagen en een mooi uiteinde.
 

Uitgelicht