Het achtbaanjaar van Ilse Zaal

(17 november 2020)

Ilse Zaal (38) is een halfjaar gedeputeerde. Ze blikt terug op 6 voorbijgeflitste maanden. “Dit is het meest bijzondere jaar van mijn leven.”

Portret Ilse Zaal


Op 18 mei werd u de eerste online benoemde gedeputeerde. Hoe was dat moment? 

“Een beetje dubbel. Het had een heel bijzondere bijeenkomst moeten zijn met de D66-fractie en mijn familie, maar door corona kon dat niet. Via een videoverbinding met de commissaris van de Koning legde ik de belofte af. Hij zat in de Statenzaal, ik verderop in mijn werkkamer. Een unieke en ook rare gewaarwording, omdat mijn familie eigenlijk geen goed beeld had wat er gebeurde. Toch blijft het speciaal; de eerste digitaal geïnstalleerde gedeputeerde. De dag ervoor keek ik nog tentamens na als universitair hoofddocent. 24 uur later stapte ik met de portefeuille Economie, Landbouw, Dierenwelzijn, Bestuur, Europa, Recreatie en Toerisme en Sponsoring in een razende trein. De weken gaan zo snel dat het voelt alsof ik hier al heel lang zit.”

Was thuiswerken een belemmering in uw introductieweken?

“Het was wel vreemd. Ik was van baan én carrière gewisseld, maar ik zat nog steeds thuis in Zaandam aan hetzelfde bureau met een van de poezen op schoot. Het ‘ik-heb-een-nieuwe-baan-gevoel’ ontbrak. Ook was het jammer dat ik weinig rechtstreeks contact had met mensen. Dat ik geen agrariërs en ondernemers kon bezoeken. De meeste wethouders en provincieambtenaren heb ik alleen nog op een scherm gezien. Aan de andere kant merkte ik ook dat ik héél erg veel kan doen, omdat ik geen reistijd heb. Ik kan in 1 minuut van een overleg in Den Helder bij een bijeenkomst in ’t Gooi zijn.” 

Viel u met uw portefeuille met uw neus in de boter of in het diepe?

“Dat laatste niet, want de ondersteuning bij de provincie is geweldig. Dat vangnet is zó sterk. Intern en extern had ik een prachtig inwerkprogramma. Zo kon ik dossiers snel eigen maken. Hoewel het veel hollen en weinig stilstaan is, is het werk fantastisch. Je kunt als gedeputeerde echt iets betekenen. Zeker met de portefeuille Economie in deze tijd. Ook liggen er veel uitdagingen, zoals de verduurzaming van de landbouwsector. Ik viel dus met mijn neus in de boter.” 

Welke adviezen gaven collega-gedeputeerden u?

“Mijn voorganger Jack van der Hoek heeft mij voor zijn vertrek uitgebreid bijgepraat over de portefeuille en me een aantal inhoudelijke adviezen gegeven. Ook gaf hij mij nog een persoonlijke tip: ‘Laat je niet overal voeren’. Hij was tijdens zijn periode als gedeputeerde namelijk 9 kilo aangekomen. De andere collega’s zeiden: Kies je eigen stijl en blijf jezelf.”

Lukt dat? 

“Ik denk het wel. Als ik ergens binnenkom, zeg ik altijd: Hoi, ik ben Ilse uit Zaandam. Dan breekt het ijs snel. Toch merk ik dat er anders naar me wordt gekeken omdat ik ‘de gedeputeerde’ ben. Ik moet af en toe nog steeds wennen aan mijn rol. Vorige week had ik een bijeenkomst en bleef het 5 minuten stil. Ineens dacht ik: ‘Oh wacht, ik ben vast de voorzitter van dit overleg’. Genant en grappig was dat.” 

Benoeming Ilse Zaal
De digitale benoeming van Ilse Zaal was een primeur.

Naast de gedeputeerde krijgen inwoners ook de mens Zaal goed te zien op social media. Welk beeld wilt u overbrengen?

“Dat ik mezelf ben, een benaderbaar ‘doe-maar-normaal’ mens. De bestuurder Ilse verschilt niet van Ilse privé. Ik vind het leuk om te delen wat ik doe. De natuur in en heel veel sporten, met crossfit als favoriet. Ik laat graag zien hoe fijn en belangrijk bewegen is. Daarnaast ben ik dol op dieren en trots dat ik gedeputeerde dierenwelzijn ben.” 

Wat heeft u geleerd in uw eerste halfjaar?

“Hoeveel het toevoegt als je als gedeputeerde de provincie ingaat om te praten met inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Door corona is het lastig, maar ik wil dingen graag samen doen en zien waarover ik beleid maak. Als je alleen naar een scherm kijkt, weet je niet hoe de tuinbouwsector in elkaar zit. Of hoe ondernemers werken. In deze tijd heb ik nóg meer geleerd hoe belangrijk het is dat je weet waarover je praat als bestuurder. Dossiers moet je beleven, zien, voelen.” 

Welk werkbezoek bleef u het meest bij?

“Mijn eerste, aan luchtfilterfabrikant AFPRO. Dat was een perfect voorbeeld van kansen zien in crisistijd. Vanwege een tekort aan mondkapjes in Nederland kocht AFPRO een machine en ging duizenden mondkapjes per dag maken. Ook de werkbezoeken aan de tuinbouwsector bleven me bij. Bij veel ondernemers zag ik de wil om te veranderen en verduurzamen. Zij hadden sterke ideeën en innovaties. Daarvan leerde ik als gedeputeerde 2 dingen: 1, je moet het echt samen doen. Dus niet in Haarlem beleid gaan zitten schrijven, maar in gesprek met de sector en gezamenlijk kijken wat nodig is om ambities waar te maken. En 2, zorg dat je beleid flexibel genoeg is om alle ontwikkelingen bij te benen.” 

In een interview zei u dat u ‘de goede kanten van de crisis wil laten bestendigen’. Hoe ziet dat eruit? 

“Naast bezorgdheid zie ik veel creativiteit en inventiviteit bij inwoners, ondernemers en gemeenten. In de landbouwsector ontstonden de afgelopen maanden kortere ketens. Van agrariërs die producten rechtstreeks aan de markt aanbieden tot de Too Good To Go-app die voedselverspilling aanpakt. Dat is heel duurzaam. Uiteindelijk willen we zo min mogelijk vervoersbewegingen met voedsel. Dat wensten we al jaren en door de crisis kwam dat in een stroomversnelling. Duurzaam uit de crisis investeren is ook een voorbeeld. Ondernemers investeren in duurzaamheid en de overheid helpt daarbij. Dat zorgt voor herstel én een belangrijke bijdrage aan verduurzaming.” 

Werkbezoek Ilse Zaal
Ilse Zaal tijdens een werkbezoek aan wildopvang De Bonte Piet.

Welk inzicht kreeg u nog meer?

“Dat elke tegenslag ook een nieuwe kans kan zijn. Ondernemers verstaan de kunst van het ombuigen goed. Een andere les is dat flexibiliteit het grootste goed van deze tijd is. Dat moet je als bestuurder ook hebben. Als je kijkt naar beleid en de dingen die wij doen als bestuur, kan ineens alles anders zijn. Dan moet je kunnen meebewegen. Nederland liet dit jaar zien dat we dat heel goed kunnen.”

Wat waardeert u meer door de coronacrisis?

“Sociaal contact en de waarde van mijn eigen omgeving. Daarom is het zo belangrijk om te investeren in wat dichtbij is. Om te zeggen: we maken ons hard voor groen om de hoek om in te recreëren, want we kunnen niet altijd maar naar Griekenland vliegen. Support your locals is een geweldig initiatief. Lokaal inkopen, lokaal recreëren, lokaal meedoen aan evenementen. Hopelijk houden we dat na corona vast.” 

Op welke prestatie bent u tot nu toe het meest trots? 

“Dat we onze ondernemers goed geholpen hebben. Door rijksregelingen uit te voeren, door ze de weg te wijzen naar andere fondsen, maar ook met ons duurzaam herstelfonds van € 100 miljoen en de € 10 miljoen steun voor cultuur. Ook al is er nog veel meer nodig; Noord-Holland is de enige provincie die zo’n groot bedrag in een herstelfonds heeft gestopt. Daar mogen we met elkaar heel erg trots op zijn.” 

Wat ziet u als u straks onder de kerstboom terugkijkt op 2020? 

“Het meest bijzondere jaar van mijn leven. Vóór 18 mei was het door corona en digitaal lesgeven al speciaal. En toen kwam de enorme carrièreswitch. Ineens was ik gedeputeerde met de portefeuille Economie. Nee, 2020 ga ik nooit meer vergeten. Het was lifechanging.”