Blog Zita Pels: Korte ketens en vrijwilligers

(23 oktober 2020)

Korte ketens. Het is een onderwerp dat regelmatig terugkomt in mijn werk. Als gedeputeerde van onder meer Circulaire Economie maak ik mij hier hard voor.

Onder korte ketens verstaan we dat de weg die voedsel aflegt ‘van boer naar bord’ zo kort mogelijk is, met zo min mogelijk ‘tussenstops’. Deze versimpeling in het productieproces zorgt voor minder CO2 uitstoot, het maakt de economie minder kwetsbaar én het helpt voedselverspilling te verminderen. Want op iedere plek in de keten van voedsel vindt er uitval plaats, in totaal is dat 35%. Dus van iedere 3 gekweekte paprika's, komt er 1 niet op het bord van de consument terecht. En dat terwijl er in Nederland een stijgend aantal huishoudens afhankelijk is van de voedselbank. En laat nou net daar de verse groenten op het moment schaars zijn. 

Gisteren bezocht ik 2 voedselbanken in Noord-Holland om een idee te krijgen van de uitdagingen die zij hebben, ‘normaal’ en nu in tijden van Covid-19. We konden er de afgelopen maanden al veel over lezen in de media. In Amsterdam kreeg ik een rondleiding door de loods waar wekelijks 1600 pakketten gemaakt worden voor Amsterdammers. Daarnaast voorziet Amsterdam als distributiecentrum de overige Noord-Hollandse voedselbanken van levensmiddelen. Dat klinkt niet alleen als een onderneming, dat is het ook. En enkel en alleen vrijwilligers runnen die onderneming. Van het bestuur tot de mensen die de pakketten uitgeven. Ook in Assendelft kreeg ik te zien hoe de vrijwilligers daar wekelijk 280 huishoudens voorzien van een pakket. In die huishoudens bevinden zich 300 kinderen.

Zita Pels op bezoek bij de Voedselbank

Het werk van de voedselbank is in veel gevallen van levensbelang. Sinds het begin van de coronacrisis is het aantal klanten in de grote steden met 30% toegenomen en de verwachting is dat dat aantal blijft stijgen. Het aantal vrijwilligers nam tijdens de eerste golf heel snel af, in Assendelft was dat zelfs 80%. Vrijwilligers waren begrijpelijk bang voor hun gezondheid. Met veel hang en vliegwerk lukt het de voedselbanken te blijven draaien, maar een tekort aan vrijwilligers dreigt. Dus dat is mijn 1e oproep: heb je een paar uur over in de week? Of misschien wel veel meer uur die je nuttig wilt besteden? Meld je aan bij de lokale voedselbank, zij kunnen je hulp goed gebruiken. 

Schaars 

Het andere grote probleem is dat de toestroom van voedsel vermindert. Aan het begin van de coronacrisis is er fantastisch genoeg heel veel gedoneerd, in voedingsmiddelen en in geld.  Maar het einde van voorraden is nu in zicht. Met het gedoneerde geld kunnen de voedselbanken eten inkopen, maar dat is een laatste redmiddel. De kernwaarden van de voedselbank zijn immers om met enkel vrijwilligers mensen in armoede te helpen en voedselverspilling tegen te gaan, door juist gebruik te maken van goed voedsel dat anders wordt verspild. Maar als het uitgevallen voedsel de voedselbank niet bereikt, wordt het lastig. Vooral verse groenten en fruit zijn schaars in de voedselpakketten. Dit zou toch op te lossen moeten zijn? Helemaal als je weet dat 35% van de voeding er ergens in de keten uitvalt. Mijn 2e oproep voor nu zou dan ook zijn aan het adres van agrariërs, leveranciers, groothandels en supermarkten om de samenwerking te zoeken met de voedselbank om de grote nood die er nu is wellicht te kunnen bedienen.

Zita Pels op bezoek bij de Voedselbank

Vanuit de provincie werken wij met onze instrumenten en initiatieven toe naar kortere ketens om voedselverspilling tegen te gaan. En er zijn veel meer initiatieven op dit vlak, denk daarbij aan de grote kortingen op vers eten bij de supermarkten als ze hun houdbaarheidsdatum naderen en de app ToGoodToGO. En die initiatieven werken! Sterker nog, sinds de vergrote aandacht voor dit onderwerp, zien de voedselbanken hun toestroom van vers eten uit supermarkten verminderen. Iets wat dus goed is, minder voedselverspilling, zorgt aan de andere kant voor problemen. Een lastige spagaat, maar er is nog veel te winnen als we als overheden samenwerken met de boeren om zoveel mogelijk overschot beschikbaar te maken voor de voedselbank. Dat helpt natuurlijk niet meteen en daarom hebben de voedselbanken de Rijksoverheid verzocht vanwege deze daling te voorzien in extra voedsel via een bestaand Europees noodfonds. 

We blijven ons als provincie zeker inzetten om voedselverspilling tegen te gaan. In de nieuwe actieagenda circulaire economie en de voedselvisie gaan we hier mee aan de slag en wil ik kijken hoe voedselbanken hier eventueel een rol in kunnen spelen. Heeft u ideeën over onze rol? Laat het ons weten!