2 rijhulpsystemen op provinciale wegen onderzocht

(23 december 2021)

Auto’s worden slimmer en nemen automobilisten steeds meer taken uit handen.

Deze zogenaamde rijhulpsystemen kunnen het autorijden veiliger én comfortabeler maken. Vanaf 1 juli 2022 is een aantal van die slimme systemen verplicht in heel Europa voor nieuwe modellen auto’s. De provincie onderzocht de werking van 2 rijhulpsystemen op het provinciale wegennet.

Digitale infrastructuur

Rijhulpsystemen hebben in elk merk auto verschillende namen of afkortingen, maar ze doen min of meer hetzelfde. Ze waarschuwen of helpen automobilisten bijvoorbeeld bij parkeren, het behouden van de juiste rijstrook en snelheid. Rijhulpsystemen werken met camera’s of sensoren op en in de auto en op basis van data, zoals digitale kaarten en maximumsnelheden. Met name voor de snelheidsassistent is het belangrijk dat de snelheidsborden goed leesbaar zijn en dat ook de database met maximumsnelheden klopt.

Voor de provincie en alle wegbeheerders betekent dit dat zowel de fysieke infrastructuur op orde moet zijn, alsook de data over de infrastructuur moet kloppen. 

Rijstrookondersteuning en intelligente snelheidsassistent

De provincie onderzocht de werking van 2 rijhulpsystemen: rijstrookhulp en intelligente snelheidsassistent, omdat deze een directe relatie hebben met de inrichting van de weg. 

Bij rijstrookondersteuning ziet de auto zelf de belijning op de weg en waarschuwt als de auto per ongeluk de rijstrook verlaat. Het kan ook zo zijn dat de auto een trilling in het stuur of zelfs een duwtje aan het stuur geeft. De intelligente snelheidsassistent ziet de snelheid door het verkeersbord langs de weg te herkennen met camera’s of baseert zich op een kaart met data. De automobilist wordt geïnformeerd door een verkeersbord op het dashboard met de toegestane maximumsnelheid. Bij te hard rijden kan het systeem ook een waarschuwing geven. 

De technische werking van deze systemen is afhankelijk van 3 factoren: de weg (breedte, belijning), de auto (rijhulpsysteem, camera’s, algoritmes) en data (maximumsnelheden, digitale kaarten).

Praktijkonderzoek

Het praktijkonderzoek is uitgevoerd met 2 verschillende auto’s. Er bleek een duidelijk verschil tussen de werking van beide auto’s en hun rijhulpsystemen. Hoe rijhulpsystemen functioneren op het provinciale wegennet is per autotype en per rijhulpsysteem verschillend. Er kan daarom geen algemene conclusie worden getrokken over de werking van álle rijhulpsystemen. Deze zijn nog volop in ontwikkeling. 

Daarnaast is er een (beperkt) aantal knelpunten geconstateerd waar de systemen nog niet goed werken op de provinciale wegen, bijvoorbeeld 2 verkeersborden op 1 paal. De systemen hebben moeite om de borden te lezen. Dit betekent niet dat de provinciale wegen of bebording direct aangepast moeten worden. De oplossing van een knelpunt kan liggen in de infrastructuur óf in het voertuig zelf óf in de data. Bij dit knelpunt bijvoorbeeld kan de bebording aangepast worden, 1 bord per paal of door de algoritmes opnieuw te trainen op 2 borden.

Deze knelpunten gelden niet alleen voor de provinciale wegen in Noord-Holland, maar kunnen overal in Nederland voorkomen. De provincie gaat hierover in gesprek en werkt samen met andere wegbeheerders. Lees het hele rapport (pdf, 3,20 MB) voor meer informatie.

Meer informatie

De werkzaamheden, onderzoeken en testen op het gebied van Smart Mobility zijn ook te volgen op de website of LinkedIn