Natuurontwikkeling

De Horstermeerpolder is belangrijk voor de waterhuishouding in de regio. Door de lage ligging en de zandige ondergrond zuigt de polder ongeveer 35 miljoen kubieke meter water per jaar weg uit polders en plassen in de omgeving. De omliggende Vechtplassen worden op peil gehouden door water uit het boezemsysteem in te laten. Dat is weer ongunstig voor de waterkwaliteit en voor bijzondere plantensoorten.

Om de kwaliteit van natuur in en buiten de polder te verbeteren is een plan gemaakt voor natuurontwikkeling en waterbeheer in de polder.

In het plan staan 3 ontwikkelingsrichtingen:

  • Open polderlandschap, in het noorden van de polder: een landschapstype met hoofdzakelijk een agrarisch graslandgebruik.
  • Nieuwe oeverlanden, in het zuiden van de polder: een zone van rietlanden met kleine stukken laagveenbos. Deze rietlanden lijken qua ligging en inrichting op de voormalige natuurrijke oeverlanden van de Horstermeerpolder.
  • Een halfopen en gevarieerd coulisselandschap ten noorden van de nieuwe oeverlanden, rond het Nera-gebouw.

Door de ‘nieuwe oeverlanden’ goed in te richten wordt minder water uit de Kortenhoefse Plassen weggezogen en vermindert het watertekort. Hiermee wordt verdroging van omringende natuurgebieden bestreden.

Uitgelicht